REPORTAGES
  NIEUWSBRIEVEN     VIDEO/TV-PRODUCTIES     BROCHURES     BOEKEN     REDACTIE  
HR Strategie
ManagementTeam
Intermediair
Bellen.com
Marktplaats.nl
Familiecongiërge
Weekendjeweg.nl
Durfkapitalisten
Leerwerkbanen
Waanzin
Speurneus
Cowboys aan de macht
Mannentrucs!
Vloeibaar
Noodzaak
Vermorzeld
De man achter Princess
Operatie met beton
Een akkoord bij Corus
Lol loont!
De geur van zaagsel
Achter de komma
Wereld zonder files
Over eerlijk zijn
Knipsels
Algemeen:
Startpagina
Over Hoi Media
Contact
Opdrachtgevers
Netwerk & links
Sitemap

Leerwerkbanen

Bijna 10.000 leerwerkbanen erbij
Een succesvol offensief

(Publicatie: BM, december 2006)

Tienduizend nieuwe leerwerkbanen erbij voor het einde van het jaar. Met die reusachtige ambitie begon FNV Bondgenoten aan 2006. Nu het jaar vrijwel is afgelopen blijkt een groot deel van de plannen aan de onderhandelingstafel gerealiseerd. Een ongekend succes in de strijd tegen jeugdwerkloosheid.

Half november, met nog een dikke maand te gaan, stond de teller van het aantal nieuwe leerwerkbanen al op 8772. Dat zijn er nog geen 10.000, maar die denkbeeldige finishlijn komt snel in zicht. Tal van bedrijven blijken onder druk van de bond bereid om bovenop de sterkte jongeren aan te nemen, zodat ze met tijdelijke contracten een betere start op de arbeidsmarkt krijgen.
Iedere sector lijkt een steentje bij te dragen. Soms gaat het om relatief kleine aantallen. Zo werden in de zuivel 30 werkplaatsen gerealiseerd. Maar soms ook noteren de bonden 1000 plekken in één keer, zoals bij de supermarkten. En het zijn niet de overwegend technische sectoren waarin jongeren een nieuwe kans krijgen. Automatiseerder Getronics PinkRoccade bijvoorbeeld beloofde 300 banen, net als AGF Groothandel (o.a. groentesnijbedrijven en veilingen).
Het succesvolle offensief van Bondgenoten maakt deel uit van de landelijke inspanningen om de groeiende jeugdwerkloosheid terug te dringen. Ieder jaar komen er 60.000 jongeren zonder een diploma en zonder uitzicht op een baan bij. Jan Berghuis, landelijk bestuurder Metaal, zit namens de FNV in de Taskforce Jeugdwerkloosheid. Die probeert sinds 2003 iets aan het groeiende probleem te doen. Samen met Anja Jongbloed nam hij het initiatief om met FNV Bondgenoten een extra inspanning te leveren
Hij zegt: ‘De Taskforce moest 40.000 banen realiseren. Dat cijfer is bijna gehaald, maar er is een structureel probleem, namelijk dat er steeds grotere groepen zijn die structureel niet aan de bak komen. Heel vaak gaat het om allochtonen. Die zie je verdwijnen in een semi-illegaal circuit. Je vindt ze niet eens meer terug in de kaartenbakken. Dat moet je als overheid dus niet willen.’
De 10.000 extra leerwerkbanen zijn volgens Berghuis het noodzakelijke begin van wat een structurele oplossing voor deze groep moet worden. Jongeren krijgen met een leerwerkbaan de kans om een vak te leren en geld te verdienen. Berghuis: ‘Je verleidt ze niet met zomaar een stage of een werkervaringplek. Die jongeren kun je alleen de arbeidsmarkt op trekken met een echte baan, met een vak.’
Het idee van de leerwerkbanen is gebaseerd op het aloude leerlingwezen, waar je met vier dagen werk en een dag naar school een vakopleiding kreeg. In veel sectoren, vooral in de technische beroepen, lijdt dat leerlingwezen een kwijnend bestaan. Aan de ene kant is er de vergrijzing en ontgroening, waardoor er steeds minder vakkrachten beschikbaar zijn. Aan de andere kant is er bij jongeren steeds minder animo voor technische beroepen en neemt de instroom gestaag af.
Berghuis: ‘Bij grote bedrijven valt het nog wel mee, maar zelfs een bedrijf als Corus heeft moeite om aan leerlingen te komen. Toen ik daar vroeger nog zat, waren er twee keer zoveel jongeren. Met de leerwerkbanen proberen we twee problemen in één keer op te lossen. De jeugdwerkloosheid én het gebrek aan technische mensen. Het is voor werkgevers zeer aantrekkelijk om mee te doen. Het kost ze geen cent en ze doen meteen iets aan het enorme tekort aan personeel met een diploma.’
Meestal moest er stevig over worden onderhandeld. Maar een enkele keer ging het realiseren van leerwerkbanen bijna vanzelf, zo merkte bestuurder Nicole Boonstra, die bij AGF 300 banen overeen kwam. Ze zegt: Ik had me helemaal voorbereid op een stevig verhaal. Ik was er klaar voor, maar het hoefde niet. Voor ik iets kon zeggen, zeiden de werkgevers al ja. De overkant van de tafel was ermee bekend. Er was ook ruimte voor. Je maakt het niet zo vaak mee, maar hier paste in het idee van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Die credits moet ik de werkgevers beslist geven.’
En daarom kunnen er 300 jongeren zonder noemenswaardige startkwalificaties bij AGF aan de slag. Bestuurder Carla Kiburg regelde eenzelfde hoeveelheid bij Getroncis PinkRoccade. Ze zegt: ‘Dat was een mooi resultaat ja, maar het is dan ook een groot bedrijf met 10.000 mensen in Nederland’.
Anders dan bij de meeste leerwerkbanen gaat het hier om stages voor mensen met een middelbare en hogere opleiding. Kiburg: ‘Maar ook daar zijn stageplekken nodig. Vooral jongeren met een niet-Nederlandse achternaam hebben moeite om zo’n plek te veroveren. Vandaar dat we hebben afgesproken dat er niet alleen naar witte mannen gezocht gaat worden. Een baangarantie? Nee, die is er niet. Maar als mensen goed zijn, willen zij ze vast hebben.’
Ook bij de supermarkten is er geen garantie op een baan. Maar volgens bestuurder Jos Brokken, die hier duizend plekken realiseerde, wordt de kans op een baan door de gemaakte afspraken aanzienlijk vergroot.
Brokken: ‘Laat één ding duidelijk zijn: het gaat niet om een opleiding tot vakkenvuller. Het is per se niet de bedoeling dat reguliere studentenbaantjes vervangen worden onder het mom van leerwerkbanen Er komt serieuze scholing tot verkoopmedewerker, inclusief begeleiding door de supermarkten en met steun van het cwi en de roc’s. Het zijn mooie afspraken voor mensen die anders nauwelijks een baan hadden gekregen.’
Brokken noemt de werkgelegenheidssituatie bij de supermarkten zorgwekkend. Hij merkte dat de bedrijven zich zorgen maken om hun imago als plek waar van mensen vroeg afscheid wordt genomen en waar men de maatschappelijke verantwoordelijkheid niet neemt. Vandaar dat werkgevers meededen.
Brokken: ‘Daarnaast ben ik ervan overtuigd dat ze de echte talenten eruit zullen pikken. Voor de anderen is er aan het einde van de opleiding in elk geval een speciale toets. Dat is een arbeidsoriëntatie; waar liggen de interesses en de kwalificaties? De jongeren leren zo waar hun kansen en mogelijkheden liggen. Dus opleiding, begeleiding, een diploma en een toets, dat is toch een behoorlijke extra kruiwagen.’
Peter van der Put regelde 30 leerwerkbanen bij Sigma Coatings. Het bedrijf was al langer bekend met het fenomeen en snapte dat via die weg goede medewerkers konden worden opgeleid, ook voor de niet-technische functies. Dat enthousiasme is doorslaggevend, meent Van der Put, om ook andere bedrijven over de streep te trekken.
Hij zegt: ‘Als FNV-bestuurder probeer je natuurlijk een goed verhaal te verkopen zonder dat het bij wijze van spreken ten koste gaat van die twee procent loonsverhoging. Het helpt dus als ze ook onderling positieve reclame maken. Ik probeer daarom de manager P&O van het ene bedrijf in contact te brengen met die van het andere bedrijf, door telefoonnummers uit te wisselen of een gesprek met z’n drieën te organiseren. Dan horen die mensen van hun collega’s dat het de moeite loont om hierin te investeren, ook al leiden ze de jongeren niet altijd voor zichzelf op. Ze snappen dat het op de lange termijn goede mensen voor de procesindustrie oplevert. Dat werkt. Hier in Noord-Holland is het aantal deelnemende bedrijven in korte tijd gegroeid van acht naar twaalf. En er zijn er nog een paar die het overwegen.’
De jongeren worden aangedragen door de 36 grootste gemeenten, met wie daarover sluitende afspraken zijn gemaakt. Jan Berghuis: ‘Want je kunt niet alleen roepen dat er duizend leerwerkbanen nodig zijn. Als je dat doet, is er niemand die een stap harder gaat lopen. Je hebt de gemeente, het cwi en de reïntegratiebedrijven nodig om jongeren echt aan de slag te helpen.’
Berghuis hoopt dat de leerwerkbanen ervoor zorgen dat er op termijn weer voldoende vaklieden zijn. ‘De komende jaren gaan tienduizenden met pensioen. En er komen maar een paar duizend voor terug. Ik begrijp niet dat de werkgevers niet zelf op dit idee gekomen zijn. Werkgevers reageren sowieso heel laks op dit grote probleem. Ze denken plat aan de kosten, denken vaak één opdracht vooruit, zelfs nog minder dan dat. Soms denk ik wel eens dat wij hún belangen vertegenwoordigen.’
Gezien het enorme succes van de campagne beginnen veel partijen de resultaten te claimen. Maar het idee was toch echt van FNV Bondgenoten, vindt Berghuis. ‘Maar ach, succes heeft vele vaders. Dus als De Geus wil roepen dat hij het verzonnen heeft, dan is dat wat mij betreft best hoor.’

ANDREW GROENEVELD

Zie voor meer informatie:
www.fnvbondgenoten.nl/leerwerkplekken